De Wmo, wat is dat precies?

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is bedoeld om mensen te helpen, zodat iedereen zo lang mogelijk zelfstandig thuis kan blijven wonen en volop deel kan nemen aan de maatschappij. Daar gaat het om. Dus zit je ergens mee, dan zullen we eerst samen bekijken of er voor jouw situatie een eenvoudige oplossing is. Zoals hulp van een familielid, inzet van een vrijwilliger of een algemene voorziening (bijvoorbeeld een boodschappendienst of een ontmoetingsochtend). Zijn zulke voorzieningen niet voldoende? Dan is er wellicht maatwerk mogelijk.

Algemene voorzieningen en maatwerk
Een algemene voorziening is hulp die je zelf kunt regelen. Bijvoorbeeld een boodschappenservice of tafeltje-dekje. Daarvoor heb je de gemeente niet speciaal nodig. Iedereen kan er gebruik van maken. Dat betekent dus ook: als het geld kost, moet je dat zelf betalen.
Als je het niet kunt betalen, kun je soms een beroep doen op de gemeente voor ondersteuning.

De meeste mensen kunnen zich prima redden, dankzij zulke algemene voorzieningen en vaak ook met hulp van mensen uit hun omgeving. Het is fijn als dat lukt. Dan heb je alles onder controle. Maar soms is dat niet (langer) te doen, en is er meer nodig. Als je het alleen niet meer redt, als je niet kunt deelnemen aan het alledaagse leven, als je tijdelijke opvang nodig hebt of beschermd moet wonen, dan zal de gemeente je daarin ondersteunen. Dan hebben we het over maatwerkvoorzieningen.

Het idee is dat je zo lang mogelijk in je vertrouwde omgeving kunt wonen en daar volop blijft meedoen in de samenleving. Belangrijk is dus wat iemand gelukkig (nog) wél kan: zelf, of dankzij behulpzame mensen uit de eigen omgeving. Laten we daar eerst goed naar kijken. Is daarnaast nog extra ondersteuning noodzakelijk, dan wordt dat maatwerk: toegesneden op jouw persoonlijke situatie. Dat kan alleen in samenspraak met jou een passende vorm krijgen.

Collectieve en individuele voorzieningen
Een individuele maatwerkvoorziening is bedoeld voor één persoon. Jij hebt iets aangevraagd en jij bent de enige die er gebruik van maakt.

Een collectieve maatwerkvoorziening is in het leven geroepen zodat meerdere personen er gebruik van kunnen maken. Een goed voorbeeld daarvan is de Wmo-deeltaxi in Groningen. Je deelt het gebruik met anderen. Dat is efficiënt en het houdt de kosten laag.

Eigen bijdrage voor Wmo-maatwerk
Ondersteuning kost veel geld. Daarom moet in principe iedereen die van een Wmo-voorziening gebruik maakt, een eigen bijdrage betalen. Je inkomen of vermogen maakt daarbij geen verschil. Het geld wordt in rekening gebracht door het CAK. Als het zover is, krijg je van hen bericht.

Dit jaar is de eigen bijdrage vastgesteld op € 19,- per maand, maximaal. Alleen als de werkelijke kosten lager uitvallen betaal je dus een lager bedrag.
Ook als je zelf je eigen ondersteuning of hulpmiddelen regelt met een persoonsgebonden budget (pgb), moet je de bijdrage aan het CAK betalen.

Op deze vuistregel zijn wel verschillende uitzonderingen.

Uitzondering voor aparte soorten voorzieningen
Voor woningaanpassingen, zoals een traplift of een douchestoel, betaal je de eigen bijdrage, net als voor een scootmobiel. Dit zijn individuele voorzieningen op maat. Alleen voor een rolstoel hoef je geen eigen bijdrage te betalen.

Voor collectief vervoer geldt geen vaste eigen bijdrage. In de Wmo-taxi betaal je immers voor elke rit gewoon een ritprijs.

Voor beschermd wonen en opvang binnen een instelling wordt een speciale eigen bijdrage berekend. Het tarief komt overeen met dat van langdurig verblijf in zorginstellingen. Dat is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz)

Heb je een persoonsgebonden budget (pgb) voor beschermd wonen? Of woon je onder begeleiding thuis? Dan valt de ondersteuning onder de Wmo, en betaal je dus de gewone eigen bijdrage voor Wmo-voorzieningen.

Wil je precies weten waar je aan toe bent, kom dan bij ons langs. Een eerste indruk biedt de handige online rekenhulp van het CAK.